
Volkskrant, 6 oktober 2025
Een blik op het leven, geschreven op een Groninger wierde. Door Ingrid Verbeek

Volkskrant, 6 oktober 2025
De dag begon guur. Regen en wind gezelden de mannen in groen. Met moeite kregen ze de palen de grond in, verzadigd als die was met water en veranderd in een modderbrei.

Glibberend liepen ze heen en weer tussen hun aanhangwagen, volgeladen met wilgentenen, en de palen. Terwijl voormalig orkaan Humberto zich nog een keer goed kwaad maakte vlochten de mannen de tenen langs de palen. In rap tempo lieten de drijfnatte en daardoor soepele tenen zich plooien tot een wilgentenen-schutting.

Kijk hem daar nou eens stoer staan. Op de eerste dag van zijn leven al een orkaan getrotseerd. Dat beloofd nog wat.
We hebben elkaar 15 jaar geleden voor het laatst gezien. In het Grand Café Restaurant 1e Klas op spoor 2b van Amsterdam C.S ontmoetten we elkaar voor het eerst na onze relatiebreuk in 1979. Toen studenten, inmiddels gesettelde volwassenen.

We praatten bij tot onze gespreksstof op was. Onze levens raakten elkaar niet meer. Het is bij deze ene ontmoeting gebleven, het was goed zo.
Deze week hoorde ik viavia dat hij onlangs overleden is. Aan Alzheimer, hij was pas 73 jaar. Nu hij er niet meer is voelt hij opeens heel dichtbij. Herinneringen aan fietsvakanties, kroegentochten en de huiswerkklas waar we samen met andere studenten kinderen met hun huiswerk hielpen, komen omhoog. Met hem had ik mijn eerste serieuze relatie, met hem heb ik kunnen oefenen hoe dat werkt, een relatie hebben. Hij heeft me geholpen uit mijn onzekerheidscocon te kruipen en de wereld in te trekken. Daar ben ik hem nog altijd dankbaar voor.
Dag Sieb

Ik heb vandaag een lege dag. Een mooie gelegenheid om de woonkamer te ‘verbouwen’. De indeling bevalt me niet, te recht toe recht aan. Eigenlijk gewoon saai. Ik verplaats de luie stoel bij het raam en zet er een rond tafeltje voor in de plaats. Twee stoelen erbij en ik kan heerlijk naar buiten kijken. Zwaaien naar de buurvrouw, wat eerder niet kon want ik zat met mijn rug naar het raam.
Ik maak een rondje door de kamer en ben tevreden met wat ik zie. De rechte lijnen van de banken worden nu doorbroken door de ronde tafel. We kunnen nu behalve in de keuken ook in de woonkamer eten. Afwisseling, ook niet saai.
Niet dat ik iets tegen saaiheid heb, maar ik wil er niet in wonen.
Zing morgen bij de Rode-Lijn demonstratie in Groningen mee met dit aangrijpende gedicht van Zeina Azzam:
Schrijf mijn naam op mijn been, Mama
Write my name on my leg, Mama
Use the black permanent marker
with the ink that doesn’t bleed
if it gets wet, the one that doesn’t melt
if it’s exposed to heat
Write my name on my leg, Mama
Make the lines thick and clear
Add your special flourishes
so I can take comfort in seeing
my mama’s handwriting when I go to sleep
Write my name on my leg, Mama
and on the legs of my sisters and brothers
This way we will belong together
This way we will be known
as your children
Write my name on my leg, Mama
and please write your name
and Baba’s name on your legs, too
so we will be remembered
as a family
Write my name on my leg, Mama
Don’t add any numbers
like when I was born or the address of our home
I don’t want the world to list me as a number
I have a name and I am not a number
Write my name on my leg, Mama
When the bomb hits our house
When the walls crush our skulls and bones
our legs will tell our story, how
there was nowhere for us to run