Halskraag

Benthe heeft haar mooiste outfit aan, de halskraag. Ze poseert gewillig voor de foto. Sta ik er zo goed op baas? Ja lieverdje, je staat er prachtig op.

20200225_084838-1De halskraag is alleen voor speciale gelegenheden. Ze voelt zich heel wat als ze hem om heeft. Ze staat hoger op haar poten, loopt parmantig heen en weer en is voorzichtig met bochten en afstapjes. De kraag beperkt haar blik, maar dat heeft ze er graag voor over. Tijdens het wandelen draagt ze hem ook: ‘Kijk mij eens mooi zijn!”

De speciale gelegenheid is dat ze een wondje aan haar voorpoot heeft. Ook een dame loopt wel eens ergens tegen op, helemaal niet erg. Maar als ze het wondje eindeloos gaat likken waardoor het groter en groter wordt, dan is het tijd voor haar favoriete kledingstuk: de halskraag.

Kijk haar gelukkig zijn. Zo’n hondje wens je toch een wondje. Af en toe.

Riders on the storm

Je bent 16 en je zit je huiswerk te maken. Aan de muur van je kamer hangen posters van je pophelden: the Beatles, the Kinks, the Stones. En Jim Morrison, de zanger van the Doors. Mooie Jim, waar je je ogen niet vanaf kunt houden. Jim, waar alle meisjes verliefd op zijn, maar je weet: Jim is van jou. Je draait je lievelingssingle ‘Riders on the storm’ grijs, tot je ouders op de muur bonzen.

storm-4651306_1920Je bent allang geen 16 meer en je hebt net storm Ciara, storm Dennis  en storm Ellen overleefd. Storm Francis is onderweg. Daarna nog drie stormen te gaan en de letter J. is aan de beurt. Dat kan alleen maar storm Jim zijn.

Ter voorbereiding van je ontmoeting met jouw Jim zing je alvast zachtjes:
‘Riders on the storm. Into this house we’re born. Into this world we’re thrown. Like a dog without a bone’.

 

Lieverd

“Laiverd”, zegt mijn tennismaatje wel eens tegen me, ‘Laiverd, wanneer gaan we de baan weer op?” Noem me laiverd en ik smelt als boter in de zon. Tenminste, als hij het zegt.

‘Lieverd’, zegt de sauna-eigenaar terwijl hij het theekopje bij me neerzet. ‘Lieverd, wou je nou rooibos of earl grey?’ Noem me lieverd zonder dat je me kent en ik verhard als gewapend beton. Dat hij ook nog afwisselend mevrouw en meisje tegen me zegt, maakt het er niet beter op.

sauna-981027_1920In veel sauna’s hangt een bordje met de tekst: Je mag niet aan elkaar zitten. Vooral bedoeld voor verliefde stelletjes die de hitte van de sauna naar het hoofd c.q. het lijf stijgt.  Ik wil daar graag nog een bordje aan toevoegen: Ongewenste opmerkingen van het saunapersoneel verboden, op straffe van onderdompeling in het ijsbad. 

Ik verheug me nu al op mijn volgende saunabezoek.

Storm

We hebben elkaar een tijdje niet gezien. Drie maanden om precies te zijn. We waren collega’s-op-vrijwillige-basis bij een organisatie in Stad. We hadden het goed samen, totdat bleek dat de organisatie niet goed voor ons was. Twee van ons stapten op, de derde twijfelt nog.

Tijdens de lunch praten we bij. Terugkerend thema: mag je als pensionado overdag een boek lezen? We worstelen er alledrie mee. Ik mag het alleen als er een fikse storm-1209365_1920storm om het huis waait. De anderen zijn nog strenger voor zichzelf: nee, nooit, zonde van m’n tijd.

Ja, daar hebben ze wel een punt. Het eindpunt van onze tijd komt steeds dichterbij. Als tijd schaars wordt, is het jammer het te vermorsen aan het lezen van een boek. Overdag dan. Of het ook voor de avond geldt, is het onderwerp van ons volgende afspraakje.

Dat geeft mij drie maanden de tijd om s’avonds het ene boek na het andere te verslinden. Of het nou stormt of niet.

 

Hanghond

Ik heb er lang om moeten zeuren, maar het is gelukt. Ik heb mijn eigen hangplek. Uren hang ik er, ik staar wat voor me uit, blaf tegen de koolmeesjes en de merels en hou de schapen van de buren in de gaten. Alleen voor eten en een wandeling kom ik er nog af. Als mijn baasjes uit de buurt zijn klim ik op de bank, want mijn achterpoten worden best wel moe.

20200210_165614Daarom wil ik dat mijn baasjes een hangplek maken waar ik echt helemaal kan hangen. Epke Zonderland sleept toch ook niet met zijn poten over de grond als hij hangt? Nou dan.

Bovendien ziet het er niet uit en is het ook nog gevaarlijk. Als mijn achterpoten wegglijden, klap ik met mijn buik op de plavuizen. En kom dan nog maar eens zonder hulp overeind.

Die plavuizen zijn zo glad als een rekstok. Epke heeft krijt om zijn handen ruw mee te maken. Waarom heb ik dat eigenlijk niet? Een hondenleven heb ik, een hondenleven.