Natte neuzen

Ik wist niet dat het bestond: de natte neuzen route. Speciaal voor viervoeters. Ik loop er met hond Benthe en een bevriende tweevoeter, dat mag gelukkig ook. Benthe voorop,  want het is haar route. Wij volgen gedwee.

Benthe’s neus

Onderweg komen we tientallen natte neuzen tegen in alle soorten en maten: klein, groot, rond, plat, zwart, bruin, roze, grijs. Al die neuzen moeten elkaar uitgebreid besnuffelen, aan voor- en achterkant. Voor ons, tweevoeters, betekent dit wachten, wachten en nog eens wachten tot de dames en heren klaar zijn.

Leuk zo’n natte neuzen route, maar dan toch liever zonder hond.

Voor C.

Het lege land

Eigenlijk kan leeg me niet leeg genoeg zijn. Grond onder mijn voeten en wolken boven mijn hoofd, meer heb ik niet nodig. En dan lopen en voor me uit staren. Niemand hoeven te groeten, geen fietsers, geen wandelaars. Alleen en toch niet alleen. Want de wind, de vogels, de kleuren, de regen, de stilte en de geur van klei vergezellen me. En natuurlijk hond Benthe die om me heen huppelt.

En dan thuiskomen waar huisgenoot M de koffie klaar heeft staan. Dat maakt alleen wandelen nog fijner.

Moet dit nou?

Terwijl de trimster bezig is kijkt Benthe me aan. Ik probeer haar blik te lezen: duurt dit nog lang, wat doe je me aan, jij zou dit ook niet leuk vinden hoor. 

Ze liep kwispelend het erf op, ze was hier eerder geweest. Tot ze opeens door had wat haar te wachten stond, toen maakte ze rechtsomkeer. Maar helaas, vluchten kon niet meer.

Benthe is een mooie hond, maar heeft dat zelf niet door. Haar uiterlijk boeit haar niet, rollen in de modder, rausen door de bosjes en er vol klitten weer uitkomen. Boeie.

Het baasje denkt daar anders over. Vandaar: de trimsalon. Waar een heel aardige mevrouw met zachte hand haar vacht verzorgt. En ze verwend wordt met heerlijke brokjes. Ik snap niet wat daar mis mee is. Maar ja, ik ben dan ook geen hond.

Verliefd

Hond Benthe is op bezoek bij zijn speelmaatje om te vragen of ze een nachtje mag komen logeren. Maatje J., twee koppen groter en veel sterker, reageert enthousiast. Hij likt, besnuffelt en bestijgt B. op plekken waar ík zelfs van moet blozen. Benthe houdt zich kranig en bijt regelmatig van zich af.

Hond J. trekt zich er weinig van aan en blijft aandringen. Benthe wordt moe en zoekt steun bij mij. “Dit wordt hem niet hè?”, zeg ik tegen zijn baasje. ‘Nee’, verzucht die, ‘J. is tot over zijn oren verliefd op Benthe, maar de liefde is helaas niet wederzijds’. De baasjes besluiten dat logeren er niet in zit.

Benthe en ik taaien af. In de wetenschap dat dit niet het einde van de hondenvriendschap is, want samen spelen in het open veld kunnen ze als de beste. Dat is ook wat waard en bovendien: de Engelse thee was heerlijk.

Voor J. en T.

De slaapuurtjes van Roos en Teun


Baasje gaat in zomerslaap. Tot later.