Het onzekere voor het zekere nemen

Maanden heb ik in ontredderende onzekerheid gezeten over het plotselinge zichtverlies in mijn rechteroog. Wat is er precies gebeurd, waardoor en wat staat me nog te wachten? Daar kwam het kort gezegd op neer. De oogarts heeft me vorige week eindelijk duidelijkheid gegeven: de oorzaak en de gevolgen worden pas met de tijd en afhankelijk van het slagen van de behandeling duidelijk. Oftewel: niets is zeker, alles is en blijft ongewis.

Nu ik dit weet is er een weldadige rust over mij neergedaald. Ik sta er zelf van te kijken. Oké, ik heb een chronisch oogprobleem, dat is zeker, maar verder is alles onzeker. Aan die onzekerheid is niets te doen. Hij is er en hij blijft. Dat is een feit, een zekerheid waar niet aan te tornen valt. Ik kan hoog of laag springen, maakt allemaal niets uit.

In mij is een schakelaar omgezet. Was ik de afgelopen tijd vooral bezig met wat ik verloren heb, nu zie ik wat ik behouden heb. Ja, ik ben zicht kwijtgeraakt, maar ik heb naast mijn slechte oog ook nog een goed oog. Ja, de toekomst is onzeker, maar nu ik dat zeker weet hoef ik er niet meer zo ontredderd over te zijn. Het onzekere is mijn nieuwe zekerheid geworden.


Eerder verschenen blogs over mijn oogprobleem
Pech 22-1-2021
Rollator 4-1-2021
Dronken 9-12-2020

Naar eer en geweten

Als meisje van tien heb ik eens samen met een vriendje van tien stiekem mijn eerste sigaret gerookt. Verstopt achter de garage in zijn tuin. Spannend was het en best wel vies. Maar wat voelden we ons groot en wat voelden we ons stoer.

Ik had iets gedaan wat niet mocht, mijn moeder was daar heel duidelijk over, en ik was ervan overtuigd dat het op mijn voorhoofd geschreven stond. Ze zou het vast aan me zien. Jokken ging me al niet goed af, maar dit zou echt liegen zijn. Zenuwachtig ging ik naar huis.

Zodra ik mijn moeder zag barstte ik in tranen uit en biechtte het op. Ze nam me op schoot en droogde mijn tranen. En leerde me zo dat iets verkeerds doen niet erg is, als je er maar eerlijk over bent.

Had de baas van Nederland ook maar zo’n moeder gehad.

Een eigen paal

Een jaar geleden is hij aan komen vliegen, dit is het eerste voorjaar dat hij in de tuin meemaakt. Aan zijn voeten staan tientallen narcissen te bloeien. Binnenkort moet het gras al gemaaid worden, dan komen de wormen naar boven, dat is fijn want dan kan hij die aan zijn kinderen voeren.

Oh nee, dat kan niet. Er is nog geen vrouwtje naast hem op de paal komen zitten en zonder vrouwtje geen eitjes en geen jonkies. Hij zit er niet mee, want zo’n paal voor jezelf is best fijn. Geen gezeur aan je hoofd, geen gedoe, geen geklaag.

Een beetje mijmeren boven de narcissen en stiekem dromen over een vrouwtje met een eigen paal. Dat is voor deze vogel meer dan genoeg.

Op schoot

We hebben bij ons thuis twee schoten en twee huisdieren. Poes Floris is er altijd als de kippen bij als er een schoot vrij komt. Je krijgt als baasje amper de tijd om te gaan zitten of de poes klimt al boven op je. Heb je een kopje hete thee in je hand of ben je de krant aan het lezen, het boeit Floris niets. Hij ziet alleen maar SCHOOT!

Hond Benthe is te groot voor schoot, maar wil er wel graag op. Wat volgt is een rituele dans: Floris kijkt verstoort op, slaat een klauw uit naar Benthe’s neus onmiddellijk gevolgd door een lik op diezelfde neus. Benthe deinst terug, maar weet ook dat Floris altijd misklauwt en gaat voor nog zo’n heerlijke lik. Zo gaat dat een tijdje door tot een van de twee er genoeg van heeft.

Als baasje laat je het maar een beetje over je heen komen en probeer je zoveel mogelijk uit de gevarenzone te blijven. Meestal gaat dat goed, een enkele keer levert het je een schram op. Nooit een lik helaas, want die geeft Floris alleen aan Benthe. Ach ja dierenliefde, daar kan je als baasje niet tegenop.