Ik vind het een mooi woord, melancholisch. Ook wel weemoedig genoemd: ‘zachttreurige stemming van het gemoed’ volgens de van Dale.
Als ik me melancholisch voel heb ik niet zo’n behoefte aan contact met de wereld. Laat me maar even dicht bij mezelf zijn en vertoeven in mijn eigen stilte. Dobberend als een veertje op een windstil meer.
Vandaag heb ik zo’n dag. Laat me maar even. Morgen ben ik er weer.


Leven is veel leuker, leven is leven. Tot je dood gaat. Daar heb je het weer, dood. Het enige zekere in je leven, op je geboorte na dan. Ik snap ook wel dat eeuwig leven iets te veel van het goede is en dat de aardbol dat niet aan kan, maar 80 jaar leven vind ik echt te kort.
En dan opeens sta ik in de keuken een pakje vet te smelten. Ik gooi er gemengde zaadjes in en laat het afkoelen. Ondertussen hang ik in elk bakvormpje een draadje. Met de bijna-gestolde-zaadjes-in-het-vet vul ik de vormpjes.