Bang voor de dierenarts

Hond Benthe moet voor zijn jaarlijkse controle en vaccinatie naar de dierenarts en ik moet mee. Ik zie er erg tegenop. Zo’n dierenarts is voor mij een soort God, die al mijn fouten in de opvoeding genadeloos zal afserveren. “Mevrouwtje, u heeft uw hond niet goed opgevoed, kijk nou, hij springt tegen me op en probeert me een lik te geven”. En dat ik daar dan blozend en stotterend sta en wat onverstaanbaars mompel.

Nu heb ik het geluk dat Benthe de leukste, liefste, mooiste hond is die er bestaat en dat hij alles en iedereen aardig vindt, ook de dierenarts. Hij gaat huppelend de spreekkamer in en komt er huppelend weer uit. Ja, hij springt tegen de dierenarts op en probeert snoepjes van zijn bureau te jatten. Ja, hij steekt zijn neus in de la met medicijnen. Maar hij doet het zo charmant en ondeugend dat de dierenarts erom moet lachen.

Aan het eind van het consult krijgt Benthe een brokje en ik een koekje. Samen huppelen we de spreekkamer uit. Mijn angst voor de dierenarts is over.

Drie kleine sneetjes

20190821_144701_resizedIk begrijp er helemaal niets van. Waarom heeft die mevrouw in die witte jas zo’n grote spuit in haar hand. Waarom komt ze steeds dichterbij en pakt ze me in mijn nekvel. Nee, dit wil ik niet, ik wil weg. Au, blijf van me af. Waarom doet mijn baasje niets? Wat gebeurt er?

En nou stuurt die mevrouw in die witte jas mijn baasje ook nog weg. “We bellen u straks”, is het laatste wat ik haar hoor zeggen. Daarna moet ik in slaap gevallen zijn.

Als ik wakker word, weet ik niet waar ik ben. Ik lig in een kooi, in mijn eentje. Ik besluit zachtjes te gaan janken, misschien komt er dan wel iemand, als het maar niet die witte jas is. Er verschijnt een groene jas, die me vraagt hoe het met me gaat. Wat dacht je, denk ik bij mezelf, ik heb pijn in mijn buik en de wereld draait om me heen.

Gelukkig komt mijn baasje de kamer in. ‘Je bent een grote hond, je mag mee naar huis’. Persoonlijk was ik liever een kleine hond gebleven, die geen reu van een teef kan onderscheiden. Want precies daarom lig ik nu thuis zielig te zijn, met drie kleine sneetjes in mijn buik.

Afscheid

RIMG0116Zo klein was ze nog maar toen ze bij ons kwam. Joppe was een zorgenhondje. Samen met haar broertjes en zusjes was ze te vroeg bij de moederhond weggehaald en daardoor was ze nog niet wegwijs in de wereld. We hebben haar veel moeten leren en vooral veel geduld moeten hebben. Maar het is goed gekomen, al bleef ze altijd wat argwanend naar mensen die ze niet kende. Vertrouwde ze je eenmaal, dan was het ook voor altijd.

Vandaag hebben we, na dertien jaar, afscheid van haar genomen. Daar ging een lange periode van twijfel aan vooraf. Ze kon niet ver meer wandelen, maar ze speelde nog wel graag. Ze bleef  ’s morgens lang in haar mand liggen, maar deed ze dat niet altijd al? Ze had artrose, maar kreeg daar pijnstillers voor. Maar de grote vraag blijft uiteindelijk: wie ben jij om te besluiten dat het leven van je hond ten einde is en wanneer besluit je dat? Daar heb je iemand anders bij nodig, de dierenarts.

maart 2009 054En toen ging het snel. We hebben haar nog twee dagen om ons heen gehad en vanochtend heeft de dierenarts haar bij ons thuis laten inslapen. Het is goed zo en we gaan haar missen. We blijven achter met poes Floris, die zich afvraagt waar haar maatje gebleven is.

Wij weten zeker dat Joppe nu in de hondenhemel is.