Omweg

cyclists-2915140_1920Ik moet iets ophalen in Appingedam en maak er gelijk een lekkere fietstocht van. Door de weilanden, langs het Damsterdiep, door het middeleeuwse centrum van het stadje en terug met een omweg. Op de fiets geniet ik voor niets. Hoe meer kilometers, hoe beter.

Vlakbij huis passeer ik een supermarkt, ik wip even binnen. Dat had ik beter niet kunnen doen. Zo ontspannen als ik was, zo gespannen kom ik de winkel uit. Met de helft van mijn boodschappen, want met teveel mensen in een te kleine ruimte, met gangpaden waar geen anderhalvemeter tweerichtingsverkeer mogelijk is en waar mensen toch proberen zich achter je langs te wurmen, staat mijn stressmeter gelijk op rood.

Was ik net zo lekker ontspannen, moet ik nu nóg een grote omweg fietsen om met een genietgevoel thuis te komen. Ik kan niet bezig blijven.

Een normale dag

lamb-2588067_1920Ik moest mijn gevangenschap even ontvluchten. Met de wind in de rug door het Groningerland fietsen. Maakte niet uit waar naar toe, als ik maar buiten was. Ik moest de weidsheid voelen, de geur van klei opsnuiven en de lammetjes in het rond zien springen. Doen alsof alles normaal was, een gewone dag, een gewone fietstocht.

Morgen ga ik weer, want Groningen heeft zoveel ‘buiten’ dat ik tot 1 juni niet meer binnen hoef te zijn.

Tennisvriendje

“Kom je buiten spelen?” vroeg mijn jeugdvriendinnetje bijna elke dag. Mam, mag het? Ja, als je maar wel met eten thuis bent.

De afgelopen jaren moest ik hier vaak aan denken als mijn tennisvriendje me af kwam halen om te gaan tennissen. Elke week fietste hij langs en ik zorgde ervoor dat ik klaar stond. Week na week, de seizoenen rond, behalve als het weer te bar was. Dan kwam hij niet.
man-2299688_1280
Vanaf nu komt hij helemaal niet meer. Hij verhuist naar Stad. We blijven tennisvriendjes, maar we zijn fietsvriendjes af.

Dag tennisfietsvriendje, het ga je goed in Stad.