Oma, spelen?

De kleinkinderen zijn op bezoek, twee stuks, samen zijn ze negen jaar. Twee blonde godinnetjes die ons huis en ons rustige leventje overnemen. Er moet gespeeld worden, dat maken ze vanaf het begin duidelijk. “Oma, wil je met me spelen?” roepen ze elke drie minuten. Het maakt ze niets uit waar Oma mee bezig is, zelfs op de wc ben je niet veilig.

20180504_090355_resizedGevolg: ik heb al vijf keer verloren met Memory en dat gaat je niet in je koude kleren zitten, vooral niet als je van een vierjarige verliest. De voetbal is al minstens drie keer in de vijver gevallen en wie moet hem eruit halen? De inhoud van de spelletjeskist ligt door het hele huis verspreid. Opruimen, ho maar! Winkeltje spelen vinden ze het leukst, met echte centjes (ja, die bestaan nog) koop ik denkbeeldige ijsjes, tot ik er buikpijn van krijg. En dan moet er tussendoor ook nog gedronken, gesnoept en gehuild worden.

Afzien is het, maar oh wat geniet ik ervan.

 

De kinderpaal

Midden in onze keuken staat een paal. Misschien een wat rare plek voor een paal, maar stond ie er niet dan was dat niet zo best. Dan was je je leven niet meer zeker tijdens het koken. De paal ondersteunt het dak, want ooit was dit de schuur.

20180404_075325Zo’n paal in je keuken heeft wel wat. Zeker sinds we hem geverfd hebben met schoolbordverf. “Zet het maar op de paal” zijn bij ons thuis gevleugelde woorden. Is de boter, het brood of de olijfolie op: hup, op de paal. Eén minpuntje: je kunt de paal niet meenemen naar de supermarkt.

Maar het meeste plezier dat we eraan beleven is als de kleinkinderen er zijn. Krijsend er omheen rennen, je erachter verstoppen, proberen erin te klimmen en de prachtigste tekeningen erop maken. Ze kunnen hun geluk niet op. Wij ook niet trouwens, want wij genieten nog weken van hun tekeningen. Want daarvoor geldt bij ons thuis “Blijf van die paal af”.