Een jaar lang sloeg ik na het houtenhekje linksaf, over het net-niet paadje waar ik alleen zijdelings overheen kon en liep ik met ingetrokken buik langs het gaas door het kniehoge gras, om uiteindelijk uit te komen bij het kruidentuintje waar ik dagelijks verse munt pluk voor mijn kopje thee. Met de dag werd de route langer en mijn trek in muntthee kleiner.
Een week geleden heb ik het hekje en het gaas weggehaald. De munt staat nu onder handbereik. Toch sla ik nog iedere dag na het ‘houtenhekje’ linksaf, over het net-niet paadje waar ik alleen zijdelings overheen kan. Uit gewoonte loop ik nog steeds de oude route, alleen hoef ik nu mijn buik niet meer in te houden. Nu mijn trek in muntthee nog terugkrijgen.
Ik begrijp er helemaal niets van. Waarom heeft die mevrouw in die witte jas zo’n grote spuit in haar hand. Waarom komt ze steeds dichterbij en pakt ze me in mijn nekvel. Nee, dit wil ik niet, ik wil weg. Au, blijf van me af. Waarom doet mijn baasje niets? Wat gebeurt er?
Als ik met mijn maatje dans, loopt het vaak op ruzie uit. ‘Ik heb de leiding, dat hebben we toch afgesproken?’ “Ja, maar jij hebt geen ritmegevoel en je trapt altijd op mijn tenen”. Onze dans is meestal al voorbij voor hij echt begonnen is.
Natuurlijk moet er ook gewandeld worden. Kleindochter E. wil de lijn vasthouden. Mag dat? Ja, dat mag. Even hou ik mijn hart vast als ik Benthe het voortouw zie nemen. Is ze niet te sterk voor zo’n klein meisje, gaat dit wel goed?Ja, het gaat goed, Benthe gedraagt zich voorbeeldig. Ben ik hier getuige van een eerste verliefdheid?