Niet mijn probleem

Ik had nog zo gezegd: als jullie de nieuwe banken komen afleveren moeten jullie met een kleine auto komen. Vandaag kwamen ze, natuurlijk met een joekel van een auto. Een groot oranje monster dat op zijn weg takken van de bomen afrukte en het lage stenen muurtje voor mijn huis schampte. De chauffeur stak zijn hoofd uit het raampje en merkte op dat hij niet verder kon. Ik kon niets anders dan dat bevestigen.

Ze zetten de terugtocht in. Opnieuw sneuvelden er takken en een paar keer kwamen de wielen akelig dicht in de buurt van het slootje dat langs het pad loopt. Met zweet ik mijn handen keek ik toe, tot ik bedacht: dit is mijn probleem niet. Met een rustgevend kopje koffie heb ik binnen afgewacht tot ze zich melden met de banken.

Gelukkig hebben die het avontuur overleefd en staan ze nu te wennen aan hun nieuwe omgeving. Het grote oranje monster is er minder goed van afgekomen, die moet gebutst en bekrast zijn weg vervolgen. Maar ook daarvoor geldt: niet mijn probleem.

Dag Isha

Jarenlang leidde hond Isha mijn tante veilig over straat. Hij hielp haar oversteken, stopte bij elk rood stoplicht en waarschuwde haar voor fietsers en wandelaars. In huis zorgde hij dat ze niet over hem struikelde. Hij was tante’s steun en toeverlaat. Tot hij van een welverdiend pensioen mocht gaan genieten. Zijn tuig werd opgeborgen, hij was weer een gewone hond.

Maar niet voor mijn tante. Die vertroetelde en verwende hem als dank voor de vrijheid en de onafhankelijkheid die hij haar gegeven had. Dankzij zijn werk als hulphond kon zij zelfstandig de wereld in gaan. Ze waren onlosmakelijk met elkaar verbonden.

En nu opeens is hij er niet meer. Klinkt nooit meer het gekras van zijn nagels op de houten vloer of het leegslubberen van zijn waterbak. En zit hij s’middags nooit meer naast mijn tante, te wachten op zijn dagelijkse ‘brokje bij de thee’.

Voor H & J en I & PH

Poes Floris leest de krant

Elke ochtend leest baasje de krant met poes Floris op schoot. Meestal ligt Floris lekker te slapen, maar vandaag was hij klaarwakker. “Kaag trekt consequentie uit afkeuring” stond voorop de krant. Floris ging er eens goed voor zitten en las het hele artikel. Met kleine miauwtjes liet hij zijn goedkeuring blijken. Daarna draaide hij een paar rondjes, ging liggen, slaakte een tevreden zucht en viel in een diepe slaap.

Ze zeggen wel eens dat mensen op hun dieren gaan lijken, maar andersom gebeurt ook. Poes Floris is op zijn baasje gaan lijken. Baasje houdt niet van politici die zich niks aantrekken van moties van de Tweede Kamer (nee, baasje noemt geen namen). Baasje houdt van: zeg wat je doet en doe wat je zegt.

Floris en baasje zijn benieuwd naar de krant van morgen. Wie volgt het goede voorbeeld van Kaag?

Pukkie

Acht weken oud en dan al op een paal klimmen. Maar één poging had ze ervoor nodig, een makkie voor een Pukkie.
Dat belooft wat voor de toekomst: geen tafel, geen kast, geen gordijn is veilig voor haar.

Uitdagend steekt ze haar tongetje uit naar haar baasjes: doe me dat maar eens na!

Voor M en H

Ongemakkelijk

In de pauze van een bijeenkomst ga ik buiten op een bankje zitten. Even genieten van het najaarszonnetje. Op het bankje zit al iemand, ik groet en ga naast haar zitten. We zwijgen tot zij begint te praten. Over het plotselinge overlijden van haar moeder, over de slechte relatie met haar vader. De tranen stromen over haar wangen, terwijl ze vertelt en vertelt alsof ze me al jaren kent.

Ik voel me er niet bij op mijn gemak, bij deze emotionele ontboezemingen van een vreemde. Het liefst zou ik dat tegen haar zeggen, maar dat is me te bot. Daar is haar verdriet te groot voor. Dus ik bied haar een luisterend oor, wetend dat over tien minuten de pauze voorbij is. Als ze tegen me zegt dat het haar opgelucht heeft om het te kunnen vertellen, weet ik dat ik het goede gedaan heb, hoe ongemakkelijk ook.