Opeens is alles anders. Het land is tot stilstand gekomen, mijn leven is tot stilstand gekomen. Geplande vergaderingen, etentjes en filmbezoekjes worden afgezegd, mijn agenda is nog nooit zo leeg geweest. Heerlijk rustig, maar tegelijkertijd is er genoeg om me zorgen over te maken.
Mag ik de deur nog wel uit nu het coronavirus rondgaat? Mag ik een goede vriendin nog wel een knuffel geven of moeten we een elleboogzoen doen? Heb ik genoeg eten in huis voor de komende twee weken? Dit laatste baart me de meeste zorgen. Want behalve het coronavirus is nu ook de hamsterwoede uitgebroken.
Supermarkten worden bestookt door honderden hamsters die rijst, aardappels, wc-papier en rode paprika’s in hun wangzakken proppen. Ze zijn bang dat de mensen de winkels leeg kopen en er niets voor hen overblijft. Ik wil op deze plek de hamsters graag geruststellen. Lieve hamsters, wees niet bang, mensen zijn de meest sociale dieren die er zijn.

Er waren meer oud-gedienden. Al gauw zaten we ervaringen uit te wisselen, we hadden elkaar vijftien jaar niet gezien. Weemoedig keken we terug op die goeie oude tijd en telden we elkaars rimpels. Het voelde vertrouwd en onwennig tegelijk. We kenden elkaar van vroeger, maar waren in het heden vreemden voor elkaar. Hoe langer we praatten, hoe kleiner de afstand tussen ons werd. We werden weer dat team dat bergen kon verzetten om het mooiste filmweekend van Nederland tot een sukses te maken.
De halskraag is alleen voor speciale gelegenheden. Ze voelt zich heel wat als ze hem om heeft. Ze staat hoger op haar poten, loopt parmantig heen en weer en is voorzichtig met bochten en afstapjes. De kraag beperkt haar blik, maar dat heeft ze er graag voor over. Tijdens het wandelen draagt ze hem ook: ‘Kijk mij eens mooi zijn!”
Je bent allang geen 16 meer en je hebt net storm Ciara, storm Dennis en storm Ellen overleefd. Storm Francis is onderweg. Daarna nog drie stormen te gaan en de letter J. is aan de beurt. Dat kan alleen maar storm Jim zijn.