Tuinfilosofie

Mijn eerste jaar als moestuinierster zit erop. ‘Begin eenvoudig’ werd mij van alle kanten aangeraden, ‘niet te veel erin zetten’. Aardbeien, courgettes, wat kool, tuinbonen, sla en tomaatjes, meer niet. Mijn tuinfilosofie is al jaren: wat het bij mij in de tuin overleeft mag blijven, de rest heeft pech gehad.

20180930_134647_resized
ontsnapte bloemkool

Nu het moestuinseizoen voorbij is, maak ik de balans op. De uitkomst valt me mee, alles heeft het goed gedaan, behalve de sla en de kool. Met uitzondering van die ene bloemkool die aan de kaken van de slakken is ontsnapt. Hoger en hoger is ie gegroeid, in een poging het vege lijf te redden. Dat is hem gelukt, maar eetbaar is hij niet meer.

De bloemkool mag blijven, maar volgend jaar toch maar iets aan mijn tuinfilosofie doen.

Ik leer schrijven

De trein zoeft door het net ontwaakte Groninger land. De velden zijn kaal, de oogst is bijna binnen, de aarde gaat in winterrust. Dat geldt niet voor mij, want ik ben op weg naar Stad voor de eerste les van mijn tweede schrijfcursus.

kids-1093758_1920Ik heb mijn winterrust zomers, als de schrijfjuf me een paar maanden niet achter de vodden zit. “Je kunt het Ingrid, je kunt het, het hoeft er alleen nog maar uit te komen”. ‘Hoe lang duurt dat nog?’, vraag ik elke les wanhopig. “Je moet gewoon al mijn lessen volgen, dan komt het vanzelf goed”.

De trein rijdt Groningen binnen, zuchtend fiets ik naar de cursus. Nog negen lessen te gaan.

Zomerherfst

Als ik ’s ochtends vroeg mijn jonge hondje de tuin in laat, is het gras nat aan mijn voeten en ril ik van de morgenkou. Brrr, het wordt herfst. Maar als een paar uur later de zon de dag weer opgewarmd heeft, lijkt het alsof de lange, hete zomer nog lang niet ten einde is. De wind voelt zo warm als de Franse mistral, de was is in een mum van tijd droog.

20180916_162428_resizedDe appelbomen laten hun appels vallen, de walnoten houden zich nog krampachtig vast aan hun boom. In het dorp zijn twee nieuwe geiten komen wonen, met vrolijk gemekker begroeten ze elke voorbijganger. Op de aanlegsteiger bij het maar heeft zich een grote ganzenfamilie gevestigd, vier ouders en vijf kinderen. Het lijkt wel voorjaar.

Verwarrend vind ik het, alsof de seizoenen het zelf ook niet meer helemaal weten.

Familie Pauw op stap

De achterburen hebben pauwen en die pauwen hebben jongen. Aan moeder Pauw de taak om de kleintjes wegwijs te maken in de grote wereld. Van hun eigen tuin hebben ze elke centimeter verkend. Nu is die van ons aan de beurt.

Moeder Pauw komt graag goed voor de dag. Van nature draagt ze al een kroontje, maar vandaag heeft ze daar nog iets aan toegevoegd. Ze heeft er een veer aan gehangen, om haar koninklijke status extra te benadrukken.

20180904_092418_resized-1 (2)Haar jong, die het nog moet doen met een beginnend kroontje, kijkt nieuwsgierig toe. “Waarom heb je dat gedaan, mama”? “Omdat jullie moeten leren dat je, als je bij de buurvrouw op bezoek gaat, op je pauwbest voor de dag moet komen”.

 

Proefliggen

Zo’n jonge pup in huis is hard werken. Niet alleen voor de baasjes, maar ook voor haar. Er is zoveel nieuws te ontdekken en te leren. Buiten plassen in plaats van binnen, een paar minuutjes alleen zijn, spelen met een bal, ’s nachts slapen in de bench, voor het eerst aan de lijn lopen, stoeien met andere hondjes op de puppycursus.

En tussendoor steeds maar weer slapen. Daar heeft ze al veel lekkere plekjes voor gevonden. In een klein hoekje naast de bank op een heerlijk zacht kussentje. Tussen onze voeten of onder de tuinbank, maar alleen als er ook iemand óp de bank zit. Soms midden op het vloerkleed, opgerold tot een klein bolletje.

Benthe proefliggenVandaag hebben we iets nieuws uitgeprobeerd. Het baasje is voor de gezelligheid ook op het vloerkleed gaan zitten. Benthe zag haar kans schoon. Maar de baas moest wel haar pootjes vasthouden, want in haar eentje liggen vindt ze nog een klein beetje moeilijk.