Rollator

Als ik de kleine wachtkamer van de polikliniek binnenkom zitten er al vijf mensen. Het is vijf over elf, ik ben precies op tijd. Toch zal ik nog lang niet geholpen worden, want eerst moet er uitgebreid gedruppeld worden. Door de praatgrage verpleegkundige. Niet alleen bij mij, maar ook bij de anderen. In deze wachtkamer wordt alleen gedruppeld en gepraat.

Er ontstaat een levendig gesprek tussen de grijze, kromgebogen vrouw met aftandse rollator en de verpleegster. De wielen van haar rollator zijn tot op de velg versleten, maar ze wil geen nieuwe: ‘Ik loop er zo lekker achter’. Het liefst zou ze het even voordoen, maar de wachtkamer is te klein om op veilige afstand een rondje te lopen. We geloven haar zo wel.

Om beurten brengt de verpleegkundige ons naar de behandelkamer. Daar staat de arts klaar. De een is langer binnen dan de ander, maar voor iedereen geldt dat ie er wat bleekjes weer uit komt. Met een snelle groet en ‘sterkte’ verlaat de overlevende van de behandeling zo snel mogelijk de polikliniek. Gezellige praatjes worden pas over een maand weer gemaakt.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s