Twee minuten heeft het geduurd, de eerste regen in weken. In die twee minuten heb ik drie parasols in veiligheid gebracht. En toen was het weer droog.
Zo begon de dag. Een dag die beheerst werd door de vraag: “hangen we de was buiten of binnen?” Na drie wassen hingen er twee buiten en eentje binnen. Die laatste voor de zekerheid. Het ging best een tijd goed, tot het niet meer goed ging. Toen moest de buitenwas in rap tempo afgehaald worden en werd het binnenwas.
Daar hangt het nog steeds. Want de zonneschijn die na regen hoort te komen, kwam te vroeg. Nu zit ik met natte binnenwas die niet naar buiten kan omdat het zonnig regent. De vraag is nu: “kan de was nog naar buiten als de regen stopt of droogt de was dan niet meer?
Waar een mens niet zijn hoofd over kan breken op een ‘typisch Hollands weertje’ dag.
Maar het lastigst is toch: ‘waar moet ik naar kijken’. Het ligt voor de hand om jezelf aan te kijken, want tegen iemand praten zonder aankijken is onbeleefd, heb ik ooit geleerd. Fout, helemaal fout. Maak je een filmpje voor een feestje dan moet je in de camera kijken, als je die tenminste kan vinden.
Ik blijf lekker thuis en zet mijn tentje op in de tuin. Croissantje, wijntje, krantje, het is allemaal te krijgen bij de plaatselijke supermarkt. Af en toe een rondje met de fiets langs de prachtige middeleeuwse kerkjes, een rustig terrasje pakken en snel weer naar huis. En eindelijk de stapel boeken lezen waar ik tijdens de lockdown niet aan toe gekomen ben.
Vanochtend vroeg krijg ik weer een mail: “Wat vond u van uw bezoek?” Nou heb ik gisteren een topdag gehad, dus ik zou prima kunnen zeggen. Maar het succes van de dag heeft niet zozeer te maken met de lunch, als wel met het gezelschap waarmee ik de dag doorgebracht heb.