Wolkenliefde

20180810_112824
Copyright Groninger Blog

Nu pas, nu de hitte voorbij is, realiseer ik me dat ik de wolken gemist heb. Wekenlang was de hemel helder blauw, alleen de uitlaatstrepen van vliegtuigen verstoorden de leegte. Vandaag zijn ze er opeens weer, de donderwolken boven het Groninger land. Dat prachtige land, dat zich weerspiegelt in haar luchten. Ze horen bij elkaar, zoals de kerken bij de wierden.

En ik, ik hoor bij dat land en die wolken.

 

De steen

20180808_173736_resizedUitgerekend op de warmste dag van het jaar (36.8 in de schaduw) doe ik een beeldhouwcursus. De beeldhouwjuf heeft een steen voor me op een sokkel gezet. Het is een vleeskleurig joekel van een ding, waar ik een leven lang mee voort kan. De cursus duurt drie dagen, dus ‘no pressure’.

Gelukkig ben ik niet de enige cursist, er zijn er nog vier; die krijgen allemaal veel kleinere stenen dan ik. Zie ik er zo sterk uit of zij zo zwak? Ik durf het de juf niet te vragen. Al gauw is iedereen bezig, er wordt gehakt, geschaafd, gevijld en geschuurd. Nou ja, niet door iedereen. Ik doe niet mee, ik zit voor mijn steen, veeg het zweet van mijn voorhoofd en staar.

Tijdens de lunch wisselen we ervaringen uit. De sfeer is goed en de ijver aanstekelijk. De eerste stenen zijn al tot leven gebracht. De mijne niet, die is nog zo dood als een pier. In een poging me op te beuren vraagt mijn buurvrouw of ik wel eens van een ‘sculptor’s block’ heb gehoord. Nee, zeg ik, bestaat die dan? Ja, antwoordt ze, jij hebt er nu een.

De beeldhouwjuf doet nog een dappere poging haar de mond te snoeren, maar het leed is al geschied. Mijn steen is en blijft dood.

Buitenbeentje

Je ziet ze steeds vaker. Buitenbeentjes. Loop een willekeurige supermarkt binnen en je vindt ze op de groenteafdeling. Rechte bananen, vierkante appels, gedeukte paprika’s, wortels met drie tenen. Dacht ik altijd dat elke banaan krom is, blijkt dat helemaal niet zo te zijn. Bananen zijn vrijbuiters, die willen alle kanten op groeien. Maar dat mochten ze niet, want dan bliefden we ze niet.

20180801_182216

Sinds kort is dit veranderd, we zijn toleranter geworden. Anders zijn is ín. Een appel met een deukje of een paarse peer, mens doe eens gek en smul ervan. Mijn courgetteplant doet ook een duit in het zakje en werpt vandaag een dolfijn met jong. Het moet niet gekker worden, als dolfijnen op courgettes gaan lijken wordt mijn tolerantie wel erg opgerekt.

 

Fietsvakantie

Vandaag blijf ik binnen en de rest van de week ook. Ik heb mezelf huisarrest gegeven, want mijn hittebestendigheid is niet meer wat ie was. Ooit reed ik in bloedheet Frankrijk mijn eigen Tour de France. Zonder volgwagen of masseur, fietste ik in stilte van col naar col. S’ avonds zette ik mijn gammele tentje op, at twee borden lauwe pasta en viel om acht uur als een blok in slaap. Na drie weken fietsen was mijn hoofd leeg en mijn lijf (bijna) zo gespierd als Tom Dumoulin.

20180724_153214
copyright ANP

Nu zit ik op de bank met de gordijnen dicht en kijk op televisie naar hordes fietsende mannen, ronkende motoren en opdringerige auto’s. Wat een drukte, wat een herrie. Waarom fietsen ze niet lekker in hun eentje door Frankrijk. Waarom moet er zoveel heisa over gemaakt worden, met helikopters, rondemissen en persmomenten. Ik snap er niets van, wie laat zijn drie weken fietsvakantie nou toch zó verpesten.

 

 

 

Nichtje en tante

Wat wordt ze groot, dat ooit kleine nichtje. Ik heb haar nog de luier verschoond en haar haar eerste stapjes zien doen. En dan opeens, als je even niet oplet, is ze een jonge vrouw geworden. Die haar plek in de wereld aan het zoeken is en daarbij geen uitdaging uit de weg gaat. Alleen op wereldreis? Geen probleem. Ingewikkelde studies doen? Ja, leuk.

boy-1299084__340 (3)Er was een tijd dat ik nog geen tante was, toen was ik alleen maar een zus. Tante word je pas als je zus of broer kinderen krijgt. Voor mijn nichtje ligt dat anders, toen zij geboren werd kreeg ze gelijk een tante erbij. Dat wist ze op dat moment nog niet, maar al gauw kreeg ze door dat die vrouw die zo op haar moeder leek, wel erg vaak op bezoek kwam.

Voor haar is het de natuurlijkste zaak van de wereld dat ik haar tante ben. Voor mij is het elke keer een weg van verwondering. Bij iedere ontmoeting leer ik haar opnieuw kennen. Eerst als het kleine meisje dat ze was, nu als de jonge vrouw die ze geworden is. En nu ze volwassen is, leert ze ook mij kennen en zegt ze, als ik iets over vroeger vertel: ‘oh, maar dat wist ik helemaal niet’. “Nee lieverd”, zeg ik dan, “dat was voordat jij mijn nichtje werd”.